Slowrunning langzaam lopen tips

Tips voor slowrunning

Vijf slowrun tips

Het is stap 1 dat je overtuigd bent geraakt van de voordelen van slowrunning. Maar stap 2 is toch echt nog: hoe dan? Als je gaat hardlopen, heb je altijd standaard een tempo waarop je “lekker” loopt. Dat tempo ligt negen van de tien keer in het grijze gebied. Je gaat niet echt hard, maar moet wel een beetje werken. Een lekker gevoel geeft dat, dat je bezig geweest bent.

Wil je echt voordelen uit je training halen, doe dan je langzame loopjes echt langzaam en je tempostukken echt op tempo. Als je gaat oefenen met slowrunning, verval je met een beetje geluk pas na een paar kilometer in je “lekkere looptempo”. Je zult ervaren dat langzaam lopen buiten je comfort zone ligt en dus – gek genoeg – moeite kost. Hier zijn vijf slowrun tips!

Tip 1 : neusademhaling

Als je langzamer wilt lopen, kun je neusademhaling toepassen. Niet alleen bij het inademen, maar ook bij het uitademen. Vaak dwing je je lijf dan al om wat langzamer te lopen, al is het maar voor een kort stukje. Tot de volgende lantaarnpaal of afslag bijvoorbeeld. Als het tempo dan weer wat teruggebracht is, kun je terug overgaan op mondademhaling, als je daar lekkerder op loopt.

Tip 2 : vier passen in, vijf passen uit

Weer een tip op ademhaling. Die stuurt immers ontzettend veel aan. Adem vier passen in en gedurende vijf passen uit. Dit heeft ook als voordeel dat je pasfrequentie of cadans waarschijnlijk iets omhoog gaat.

Tip 3 : blauw!

De kleur ja, inderdaad. Iedere keer als je iets blauws ziet onderweg, check je even in met je lijf. Lever je kracht? Ga dan een beetje terug in tempo. Het mantra: “als je je afvraagt of je te snel gaat, gá je ook te snel”, is een hele waardevolle. Als je er niet op let, kun je je niet voorstellen dat er zoveel blauw onderweg te vinden is. En het werkt echt.

Tip 4 : zoeken naar iets nieuws

Je rondjes die je echt langzaam loopt, zullen waarschijnlijk rondom je huis liggen. Je kent de omgeving wel na al die kilometers. Als uitdaging om wat langzamer te lopen, kun je steeds op zoek gaan naar iets nieuws dat je nog niet eerder gezien hebt. Dat kan een plant zijn met nieuwe bloemetjes, een huisnummer, een brievenbus, noem maar op. Ook nog eens leuk om zo gedetailleerd naar de buurt te kijken!

Tip 5 : je horloge

Stel een doeltempo in voor je langzame loop. Houd daarbij een marge aan van 15 seconden, met als bovengrens het tempo dat je wilt lopen. Je wordt vanzelf gek van het gepiep!